Mantelzorger heeft steun werkgever nodig

Geplaatst op: 09 april, 2019 (Geen categorie)

Uit cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) blijkt dat bijna twee miljoen werknemers hun baan combineren met het geven van mantelzorg. Een kwart van de werkende mantelzorgers heeft hier (enige) moeite mee. De werkgever kan deze werknemers tegemoetkomen.

Het SCP voorziet in het rapport ‘Werk en mantelzorg’ dat de combinatie van werk en mantelzorg steeds vaker zal voorkomen. Dat komt doordat het aantal ouderen stijgt en ook het aantal mensen met een chronische aandoening. Hiernaast ligt er door de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 meer nadruk op inzet van hulp uit het sociale netwerk. Verder stijgt ook de arbeidsparticipatie.

Flexibele werktijden en extra verlof kunnen mantelzorger helpen

Het SCP concludeert in het rapport dat werknemers die hun leidinggevende op de hoogte hebben gesteld over hun zorgtaak, minder werkdruk ervaren. Ook als werknemers flexibiliteit in het werk ervaren en hun werktijden kunnen aanpassen of gemakkelijk een dag vrij kunnen nemen, zorgt dit voor een lagere werkdruk. Werknemers kunnen voor mantelzorgverlof een beroep doen op de Wet arbeid en zorg (WAZO). Op grond van deze wet kunnen werknemers verlof opnemen voor een zieke partner, kind of ouder, maar ook voor een huisgenoot of een ander met wie ze een sociale relatie hebben.

Werkgever kan beleid voor werk en mantelzorg opstellen en uitvoeren

Om werknemers te ondersteunen die hun werk met mantelzorg combineren, kan een werkgever dit stappenplan volgen:

  • De werkgever maakt mantelzorg bespreekbaar. Niet iedereen weet wat mantelzorg inhoudt. Om zicht te krijgen welke werknemers mantelzorg geven, inventariseert de werkgever om wie het gaat.
  • De werkgever stelt beleid op voor mantelzorgers. De WAZO biedt mantelzorgers mogelijkheden voor verlof, maar de werkgever kan ook zelf specifieke faciliteiten of regelingen aanbieden. De werkgever neemt deze regelingen op in het personeelsbeleid.
  • De leidinggevenden krijgen voorlichting over het mantelzorgbeleid en gaan in gesprek met de werkende mantelzorgers. Ook is het van belang dat de collega’s van de mantelzorgers op de hoogte zijn.
  • De werkgever zorgt ervoor dat het mantelzorgbeleid bekend is bij alle werknemers, ook bij nieuwe werknemers. Leidinggevenden die bekend zijn met mantelzorg, vangen eerder signalen op van hoge werkdruk bij mantelzorgers.

Mantelzorg en werk; het knelt steeds vaker

Geplaatst op: 04 april, 2019 (Personeel)

Mantelzorg en werk, de combinatie komt steeds vaker voor. Meer ouderen en vrouwen zijn gaan werken. Maar juist deze groepen nemen dikwijls de zorg op zich voor kwakkelende thuiswonende ouders of zieke familieleden. De helft van de werkgevers verwacht dat de combinatie van werk en mantelzorg de komende jaren meer problemen gaat geven, onder meer door de bezuinigingen op de zorg en de vergrijzing. Dat schrijft de Volkskrant.

Mantelzorg en werk; het knelt steeds vaker

Participatiesamenleving en grotere arbeidsdeelname

Nederland vergrijst. Daarom wil de overheid dat burgers meer zorg verlenen aan hulpbehoevende naasten. Zoals een ouder op leeftijd helpen of een langdurig zieke partner of familielid  verzorgen. Met de in 2015 doorgevoerde hervorming van de zorg moeten mensen dus meer voor elkaar gaan zorgen. Dit duidt men aan met de term participatiesamenleving. Tegelijkertijd streeft de overheid naar een grotere arbeidsdeelname. Dat heeft ervoor gezorgd dat meer ouderen en vrouwen zijn gaan werken – uitgerekend de groepen die het vaakst mantelzorg verlenen.

Zijn betaalde baan en mantelzorg altijd te combineren?

Deze ontwikkelingen leiden tot de vraag of een betaalde baan en mantelzorg altijd te combineren zijn. Of is er eerder sprake van elkaar beconcurrerende taken? Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) schreef hier in 2015 al een rapport over: ‘Concurrentie tussen mantelzorg en betaald werk’. De gegevens in het rapport komen uit een langlopend onderzoek van het SCP. Het planbureau heeft daarvoor zo’n 3.000-4.000 werkenden en niet-werkenden gevolgd.

Een op de vijf werknemers inmiddels mantelzorger

Dit knelt steeds vaker, nu dat inmiddels een op de vijf werknemers daarnaast mantelzorger is, schrijft De Volkskrant. De zogeheten ‘sandwichgeneratie’ (mensen tussen de 40 en 60 jaar) zitten ingeklemd tussen enerzijds hun kinderen en anderzijds hun ouders. Beiden hebben zorg nodig. Aan de andere kant zitten de werkgevers, met hun eigen belangen. Bedrijven doen volgens de werkgeversorganisaties wat ze kunnen om hun werknemers ruimte te bieden voor zorg. Maar volgens hen zitten er grenzen aan de mogelijkheden.

Veel mantelzorgende werknemers gaan niet korter werken. Daarmee gaat de zorg soms ten koste van hun gezondheid. Vooral bij langdurige intensieve mantelzorg is het verzuim hoog: een kwart van de werknemers in deze situatie meldt zich op den duur minimaal twee aaneengesloten weken ziek per jaar.

Werkgevers houden steeds meer rekening met mantelzorg

De werkgevers realiseren zich wel dat de participatiesamenleving een zware wissel trekt op werkende mantelzorgers, zegt woordvoerder Mieke Ripken van de werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland. “Ze houden er al in toenemende mate rekening mee. Door het bieden van extra verlofmogelijkheden bovenop de wettelijke regelingen, met aangepaste werktijden of werken in deeltijd. Maar het moet wel binnen de mogelijkheden liggen: een werkgever kan niet altijd aan alle wensen voldoen, hoe graag hij dat ook zou willen.”

Vooral kleine bedrijven worstelen met minder inzetbare werknemers, stelt Ripken. “Het werk moet worden gedaan, daar wordt een werknemer voor betaald. Maar de flexibiliteit moet van twee kanten komen.”

Bronnen: de Volkskrant en SCP

Meer informatie? Neem contact op met NaoberLoket Noordenveld Werk & Mantelzorg: info@naoberloket-noordenveld.nl of bel: 0623366630

 

Wist u dat aandacht voor mantelzorg u veel oplevert? Relevante feiten voor ondernemers

Geplaatst op: 03 april, 2019 (Personeel)

Wist u dat aandacht voor mantelzorg:

  • 1,3% meer omzetgroei oplevert.
  • Leidt tot 2% minder verloop en € 7100,00 besparing op wervingskosten.
  • 1% lager ziekteverzuim oplevert.

Met mantelzorg –vriendelijk beleid hebben we een lager ziekteverzuim, onderscheiden we ons en zijn we een aantrekkelijke werkgever.

Hoeveel % van de werkende mantelzorgers maakt het thema bespreekbaar op het werk?

-55% bespreekt de zorgtaken met de leidinggevende en/of collega’s.

-4 miljoen Nederlanders van 18 jaar of ouder verlenen mantelzorg

-45% werkende mantelzorgers voelt zich belast tot zwaar belast

-40% van de werkende mantelzorgers helpt vaak op de dagen dat men ook werkt

-Mantelzorgers verzuimen 2 x zoveel

Hoeveel % van de mantelzorgers doet een beroep op een verlofregeling?

-14%.

Waar is de meeste behoefte aan?

-Aandacht en begrip: 80%

-Maatwerk-/flexibele werkoplossingen: 60%

-Verlofregelingen: 35%

-Minder werken/stoppen met werken: 17% /7%

Hier ligt de link tussen de zachte en harde kant: aandacht leidt tot betere cijfers.

Invloed van overbelasting op productiviteit.

Als een mantelzorger overbelast is heeft dat invloed op de concentratie waarmee het werk wordt uitgevoerd. Een verminderde concentratie leidt tot  een lagere kwantiteit en kwaliteit van de productie.

Hoe kun je dit concretiseren?

Als de productienorm voor twee bakkers  €8000,- aan brood produceren per week  is(2×38 uur), dan is  de productiviteit  8000/76 = € 105,- per uur. Een mantelzorger die 25% minder produceert heeft dan een productiviteit van € 78,75 per uur.

Als dit soort normen in een bedrijf aanwezig zijn kan de productiviteit worden gemeten en daarmee ook het productiviteitsverlies.

De mindere kwaliteit kan zelfs tot nog meer kosten leiden:

-als er ingrediënten zijn vergeten in het brood ontstaat derving en/of klachten van klanten.

Of in andere situaties:

-loodgieter legt een CV verkeerd aan: terugkomen, extra arbeidsuren.

-supermarktmedewerker vergeet fifo te vullen: klachten over houdbaarheidsdatum, derving.

-logistiek medewerker pakt verkeerde artikelen in: vracht retour, extra arbeidsuren.

-hovenier snoeit struiken te kort: struiken sterven af: vervangingskosten, extra arbeidsuren.

Dit leidt niet alleen tot kosten, maar ook tot klachten en mogelijk imagoschade.

Meer informatie? Neem contact op met Naoberloket Noordenveld: info@naoberloket-noordenveld.nl of bel: 0623366630

Stijgende lijn verzuim zet jaarlijks door

Geplaatst op: 03 april, 2019 (Arbo)

Het gemiddelde verzuim in Nederland is het afgelopen jaar wederom gestegen. In 2017 was het gemiddelde verzuim 3,8% en in 2018 is dit opgelopen naar maar liefst 4,8%. Zo bleek onlangs uit een analyse van verzuimcijfers van Arboned.

Psychische klachten vormen de grootste oorzaak van verzuim. Opvallend is ook dat naarmate een organisatie meer werknemers in dienst heeft, hoe hoger het verzuim is. Organisaties met maximaaltien medewerkers in dienst kampen met een verzuimpercentage van 3,5%, bij bedrijven met tussen de 51 en 200 medewerkers is dit al 4,3%.

Focus op preventie

Preventie is een belangrijk onderdeel van uw ziekteverzuimbeleid. Als basis van uw preventiebeleid kunt u de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) nemen. Zijn de arbeidsomstandigheden goed op orde, dan zult u veel verzuim voorkomen. Werk bij het bevorderen van goede omstandigheden samen met een bedrijfsarts en eventuele andere gecertificeerde deskundigen. Zorg verder dat op zijn minst de basisvoorwaarden in orde zijn: een werkomgeving en gereedschappen die aan alle eisen voldoen, beveiliging van (gevaarlijke) machines, een goede werksfeer, toegang tot een Arbo-deskundige en werknemers die uitgerust en goed geïnstrueerd aan het werk gaan.

Meer weten over verzuim en hoe die te voorkomen? Neem contact op met het Naoberloket Noordenveld: info@naoberloket-noordenveld.nl

Bron: HR Select.

Dit zijn de boetes bij de nieuwe Arbowet

Geplaatst op: 26 februari, 2019 (Geen categorie)


Sinds 1 juli gelden de vernieuwde Arbowet en het gewijzigde Arbobesluit. De Inspectie SZW gaat scherper toezien op naleving van de wetgeving.Per 1 september zijn de regels voor de oplegging van boetes aangepast aan de veranderde wetgeving. Want sinds die datum geldt de aangepaste Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandighedenwet.

Welke boeteregels gelden er bij de nieuwe Arbowet en om welke bedragen gaat het?

Basiscontract met arbodienst of bedrijfsarts

Werkgevers moeten volgens de Arbowet beschikken over een basiscontract met een arbodienst of een bedrijfsarts. Nu dat de Beleidsregel boeteoplegging arbeidsomstandighedenwet van kracht is kan de Inspectie direct een boete opleggen aan de werkgever die niet over een basiscontract beschikt. Een boete dreigt ook als in het basiscontract geen afspraken staan over de ondersteuning van de werkgever bij diens verzuimbeleid. Maar als er slechts één of enkele taakafspraken in het contract ontbreken, krijgt de werkgever eerst een waarschuwing vergezeld van een eis tot naleving.

De nieuwe boeteregels gelden voor alle vanaf 1 juli 2017 afgesloten (basis)contracten. Die contracten moeten dus direct aan alle wettelijke verplichtingen voldoen. Voor de aanpassing van vóór 1 juli 2017 lopende contracten geldt een overgangstermijn van één jaar. Maar hoe dan ook, alle contracten moeten vóór 1 juli 2018 voldoen aan de nieuwe regelgeving.

Dit zijn de boetes rondom het basiscontract:

  • Geen basiscontract: 1.500 euro
  • Basiscontract niet compleet: 750 euro
  • Afspraken ondersteuning bij verzuimbeleid ontbreken: 750 euro
  • Werkwijze bedrijfsarts ontbreekt: 1.500 euro
  • Attendering werknemers op open spreekuur ontbreekt: 1.500 euro

Preventiemedewerker als spin in het web

Voor de arbodienst is er een verplichting om nauw samen te werken met de preventiemedewerker(s) en de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging (or of pv). Daarom beschouwt de Inspectie het niet-naleven van die verplichting als een overtreding. Deze overtreding kan leiden tot een waarschuwing of een boete aan het adres van die arbodienst. Daarnaast moet de preventiemedewerker ten minste één keer per jaar de stand van zaken op het terrein van gezond en veilig werken in het bedrijf bespreken met de ondernemingsraad, de werkgever en de arbodienst of de bedrijfsarts. Bij het niet nakomen van die verplichting kan de werkgever een boete krijgen.

Dit zijn de boetes rondom de preventiemedewerker:

  • Geen preventiemedewerker aangewezen: 1.500 euro

Bedrijfsartsen en second opinion

De werkgever moet erop toezien dat de bedrijfsarts een second opinion laat uitvoeren door een onafhankelijke bedrijfsarts. Dit houdt in: een bedrijfsarts die niet werkzaam is binnen de arbodienst of het bedrijf waarin de eerste bedrijfsarts werkzaam is. In het basiscontract is vastgelegd welke bedrijfsarts(en) de second opinion mogen uitvoeren.

In de Beleidsregel boeteoplegging staat dat ook bedrijfsartsen een boete kunnen krijgen als ze hun verplichtingen volgens de nieuwe Arbowet niet nakomen. Bijvoorbeeld als de bedrijfsarts geen klachtenprocedure heeft ingesteld of zonder onderbouwing niet doorverwijst bij een verzoek om een second opinion. Ook in dit geval volgt eerst een waarschuwing, eventueel daarna een boete.

Dit zijn de boetes rondom de bedrijfsarts:

  • Geen adequate toegang tot bedrijfsarts: 1.500 euro
  • Bedrijfsarts kan werkplek niet bezoeken: 1.500 euro
  • Geen afschrift van advies bij ontbreken or of pv: 340 euro

Dit zijn de boetes rondom de second opinion:

  • Geen mogelijkheid tot second opinion: 1.500 euro
  • Niet juist ter beschikking stellen van second opinion: 750 euro

Onaangekondigde controle van alle partijen

De Inspectie SZW kan in een bedrijf of organisatie onaangekondigd een controle uitvoeren. De werkgever is verplicht aan deze controle mee te werken. De inspecteur kan de werkgever, werknemers, or of pvt vragen stellen, de loon- en personeelsadministratie controleren en uiteraard de werkomstandigheden en het arbobeleid onder de loep nemen.

Arbowet niet naleven? Deze boetes gaan (fors) omhoog

Geplaatst op: 26 februari, 2019 (Geen categorie)

De boetes voor het niet naleven van de Arbowet gaan omhoog. Dit betekent dat het bedrijven meer geld gaat kosten als zij niet beschikken over een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en een bijbehorend plan van aanpak.

Daarnaast krijgt de Inspectie SZW de bevoegdheid om direct een boete op te leggen als zij constateert dat een bedrijf niet beschikt over die wettelijk verplichte RI&E met  plan van aanpak. Op dit moment mag de Inspectie bij niet naleven van de Arbowet in eerste instantie alleen een eis stellen of waarschuwing geven.

Dat schrijft staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een brief aan de Tweede Kamer.

Slechts 45 procent bedrijven heeft verplichte RI&E

Want uit de 2018-editie van de Arbobalans van TNO blijkt dat slechts 45 procent van de bedrijven daadwerkelijk beschikt over de bij wet verplichte RI&E. U leest het goed: 55 procent van de bedrijven heeft die dus niet. Inspecteur-generaal Marc Kuipers constateerde al in 2017 dat een “schokkend aantal bedrijven” geen RI&E had.

Er blijkt intussen niet veel te zijn veranderd. Ook staatssecretaris Van Ark vindt de huidige 45 procent volstrekt onder de maat. Zij wil dan ook dat bedrijven een grotere inspanning gaan leveren om de Arbowet na te leven. Daar hoort ook bij dat werkgevers meer aan preventie gaat doen. Onderdeel daarvan is het hebben van een deugdelijke RI&E met dito plan van aanpak.

Arbowet niet naleven? Deze boetes gaan (fors) omhoog

Van Ark laat het niet bij woorden alleen. Want aan bedrijven die de Arbowet niet naleven gaat zij fors hogere boetes uitdelen.

  • Geen RI&E? Dan krijgt de werkgever een boete van maximaal 4.500 euro (dat was 3.000 euro).
  • Geen plan van aanpak? Dan krijgt de werkgever een boete van maximaal 3.000 euro (dat was 750 euro).

Alleen boetes? Nee, dit zijn SZW’s andere actiepunten

Behalve boetes uitdelen heeft het ministerie van SZW nog een aantal andere actiepunten waar het gaat om het niet naleven van de Arbowet. Dit zijn ze:

  • Werkgevers- en werknemersorganisaties moeten hun achterban wijzen op het belang van de RI&E en het plan van aanpak.
  • (Kleine) bedrijven krijgen meer voorlichting over het uitvoeren van een RI&E.
  • SZW start het programma Eerlijk, Gezond en Veilig Werken. Daarmee wil SZW bijdragen aan betere naleving van arboregels via preventie en bewustwording.
  • Meer weten over de RI & E? Neem contact op met NaoberLoket Noordenveld: info@naoberloket-noordenveld.nl
  • Bron: rijksoverheid.nl

Zo moeten we privacy bij ziekte interpreteren

Geplaatst op: 12 februari, 2019 (Verzuim)

In de beleidsregels ‘De zieke werknemer’ beschrijft de Autoriteit Persoonsgegevens welke gegevens de werkgever mogen vragen en verwerken bij een ziekmelding of re-integratieproces. Op Arboportaal verscheen een toelichting hierop. Worden de zaken rond privacy en verzuim nu duidelijker?

Zodra een werknemer ziek wordt, begint het uitwisselen van gegevens.

Daarbij zijn de zieke werknemer zelf, de werkgever, de arbodienst of bedrijfsarts, het re-integratiebedrijf, het UWV en de verzuimverzekeraar betrokken. De zieke werknemer heeft recht op privacy, terwijl werkgevers de zieke zo snel mogelijk weer aan het werk willen krijgen.

De werkgever heeft hiervoor informatie nodig van de werknemer. Bijvoorbeeld om te beoordelen of ze loon moeten doorbetalen. Maar zoals gezegd heeft de zieke werknemer recht op privacy. En daarom mag de werkgever niet informeren naar de aard en oorzaak van de ziekte van zijn werknemers. Alleen de arbodienst of bedrijfsarts mag deze medische gegevens verwerken.

Privacy en gegevens verwerken bij ziekmelding

In de beleidsregels “De zieke werknemer” beschrijft de Autoriteit Persoonsgegevens welke gegevens de werkgever mogen vragen en verwerken bij een ziekmelding of re-integratieproces. Maar in de praktijk is er nog veel onduidelijk over wat wel en niet mag. Gelukkig staat er op Arboportaal nu een toelichting in de vorm van een gezamenlijke uitleg beleidsregels “De zieke werknemer”. Deze toelichting heeft betrekking op de periode van de ziekmelding tot het eerste advies van de bedrijfsarts. Maar wat staat daar zoal in?

De werkgever mag de werknemer niet vragen naar een diagnose of behandeling door een arts en ook niet naar de functionele mogelijkheden en beperkingen van de
werknemer. Vragen als: ‘hoeveel kun je nog tillen?’; ‘kun je op je knieën zitten?’; ‘hoe lang kun je geconcentreerd werken?’; ‘is hectiek op de afdeling een probleem?’; ‘kun je in een groep werken?’ zijn dus uit den boze. De werkgever mag bij de ziekmelding wel vragen naar de vermoedelijke duur van het verzuim.

Privacy en terugkeer naar werk

De werkgever en de werknemer overleggen over de manier waarop de terugkeer naar werk plaats kan vinden. Daarbij kan de werknemer zelf aangeven of hij bepaalde (deel)taken, (deel)functies of werkzaamheden nog wel kan verrichten. Goed werknemerschap brengt immers ook met zich mee dat een werknemer zelf medeverantwoordelijkheid draagt voor zijn herstel en terugkeer.

De werkgever mag echter geen druk uitoefenen en hier ook niet naar vragen. Zo nodig kan hij aan de bedrijfsarts vragen welke (deel)taken, (deel)functies of werkzaamheden de werknemer nog wel kan verrichten.

Privacy en werkafspraken

De gemaakte werkafspraken tussen werkgever en werknemer mogen wel worden vastgelegd, in de zin van uit te voeren taken of werkzaamheden. Als er op initiatief van de werknemer eventueel gesproken is over functionele mogelijkheden en beperkingen of over een diagnose of behandeling, dan registreert de werkgever die gegevens niet.

Bron: Arbo online.

Meer weten over verzuim of ondersteuning nodig? Neem contact op met Naoberloket Noordenveld: info@naoberloket-noordenveld.nl

Vaker vertrouwenspersoon aangesteld na #Metoo

Geplaatst op: 12 februari, 2019 (Geen categorie)

Organisaties stellen vaker een vertrouwenspersoon aan door de #Metoo-beweging. Dit concludeert de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen (LVV). Bijna de helft van de vertrouwenspersonen zegt vaker gesprekken te voeren over seksueel overschrijdend gedrag. Dat inderdaad sprake was van seksueel overschrijdend gedrag, werd echter even vaak geconcludeerd als in voorgaande jaren.

Uit een peiling onder de 1.200 leden van de LVV in november vorig jaar blijkt dat er sinds de #Metoo-beweging meer vacatures verschijnen voor een vertrouwenspersoon. Volgens de LVV zal het niet lang meer duren voordat de uitbreiding van het aantal vertrouwenspersonen ook tot meer meldingen van ongewenst gedrag bij vertrouwenspersonen leidt. Een nieuw aangenomen vertrouwenspersoon moet vaak nog een gerichte opleiding volgen en het duurt even voordat hij in de organisatie is ingeburgerd.

LVV: Vertrouwenspersonen moeten wettelijke bescherming krijgen

Onderzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) liet vorig jaar zien dat grofweg de helft van de organisaties in Nederland een vertrouwenspersoon heeft aangesteld. Van de organisaties met 100 of meer medewerkers heeft 92% een interne of externe vertrouwenspersoon in dienst. Bij organisaties met 50 tot 99 werknemers is dit 87%. Bij organisaties met 10 tot 49 en minder dan 10 werknemers is dit respectievelijk 69% en 28%. De LVV vindt dat het voor organisaties met minimaal 50 werknemers wettelijk verplicht zou moeten zijn om een vertrouwenspersoon in dienst te hebben. Ook zouden vertrouwenspersonen wettelijke bescherming tegen benadeling moeten krijgen, net als leden van een ondernemingsraad of een personeelsvertegenwoordiging.

Vertrouwenspersoon kan de-escalerend werken

Het is volgens de LVV nog altijd lastig om seksueel overschrijdend gedrag bespreekbaar te maken. Je hierover uitspreken is een risico. Toch bleek onlangs uit cijfers van het Centraal Bureau van Statistiek dat één op de vijf werknemers intimidatie van externen ondervindt. Bij werknemers in de zorg of welzijn was dit maar liefst 52%. Uit het onderzoek van SZW van vorig jaar kwam naar voren dat de vertrouwenspersoon de-escalerend kan werken. Hoe eerder de vertrouwenspersoon bij ongewenst gedrag wordt betrokken, hoe eerder de betreffende werknemers een oplossing kunnen vinden. Volgens het onderzoek van SZW is de bekendheid van de vertrouwenspersoon binnen organisaties nog een punt van aandacht.

Bron: ArboRendement

Lage autonomie en hoge werkdruk oorzaak burn-out

Geplaatst op: 05 februari, 2019 (Geen categorie)

Werknemers ervaren steeds minder autonomie op het werk. Tegelijkertijd zeggen steeds meer werknemers dat zij hoge taakeisen ondervinden. Dit leidt tot een stijging van burn-outklachten. Dat blijkt uit cijfers uit de Arbobalans 2018 van TNO.

De Arbobalans van TNO verschijnt eens in de twee jaar. Volgens de cijfers in de Arbobalans 2018 is het percentage werknemers dat een lage autonomie ervaart gestegen van 18% in 2007 naar 45% in 2017. Het percentage werknemers dat hogere taakeisen rapporteert, is gestegen van 15% in 2007 naar 40% in 2017. Zij melden dat zij steeds vaker snel moeten werken of heel veel werk moeten doen. Deze hoge taakeisen leiden tot een hoge werkdruk, wat het risico op werkstress verhoogt.

Fysieke belasting nagenoeg gelijk, psychosociale belasting gestegen

Het totale ziekteverzuim was volgens TNO met 4% in 2017 nagenoeg gelijk aan dat in 2007: 4,2%. Ook was de fysieke arbeidsbelasting in 2017 (7,1%) nagenoeg gelijk aan die in 2007 (7,3%). De psychosociale arbeidsbelasting is echter gestegen van 35% in 2007 naar 40% in 2017. Dit is terug te zien in het percentage werknemers dat burn-outklachten heeft. In 2007 was dit nog 11%. In 2017 is dit gestegen naar 16%. Een kwart van het ziekteverzuim in 2017 werd veroorzaakt door psychische klachten, overspannenheid of burn-out. Werknemers in de horeca hebben het vaakst burn-outklachten, gevolgd door werknemers in het onderwijs en werknemers in de gezondheidszorg.

Stress op het werk belangrijke veroorzaker beroepsziekte

Uit de Arbobalans 2018 blijkt dat ruim 3% van de werknemers in 2016 een beroepsziekte heeft opgelopen. Van deze werknemers had 1,6% een beroepsziekte aan het bewegingsapparaat. Daarnaast had 1,6% (ook) een psychische beroepsziekte. Werknemers met een psychische beroepsziekte verzuimen gemiddeld 49 dagen meer per jaar dan werknemers die geen beroepsziekte hebben. Inspectie SZW hecht groot belang aan de preventie van psychosociale arbeidsbelasting en heeft hier volgens haar Jaarplan 2019 (pdf) een themaprogramma voor opgezet. Om het toezicht op gezond, veilig en eerlijk werk in 2019 te versterken, trekt de Inspectie extra werknemers aan.

Mantelzorgvriendelijk personeelsbeleid in 4 stappen.

Geplaatst op: 11 december, 2018 (nieuws)

Het stimuleringstraject “aandacht voor mantelzorg, daar wordt je als werkgever beter van” bestaat uit 4 bijeenkomsten van 1,5 uur. Eén bijeenkomst per maand in de periode maart tot juli 2019. Tijdens deze bijeenkomsten wordt actief toegewerkt naar een mantelzorgvriendelijk personeelsbeleidsplan aan het eind van de vierde bijeenkomst. Meer weten?

NaoberLoket Noordenveld is een initiatief van:
Ondernemerscontact Noordenveld
Oosteinde 7A
9301 ZP Roden
www.ocn-noordenveld.nl
Tel: 06 - 41 90 49 44

© 2020 NaoberLoket Noordenveld

Disclaimer
Alle door NaoberLoket Noordenveld ter beschikking gestelde bestanden zijn gratis te gebruiken. Gebruik van de bestanden is geheel voor eigen risico en verantwoordelijkheid. Regelmatig worden er nieuwe handige downloads toegevoegd.